Alleen bij God is stilte voor mijn ziel; mijn redding komt van Hem. Alleen Hij is mijn rots, mijn redding, mijn burcht, hoe zou ik dan bezwijken. Alleen bij God is rust, mijn ziel; ja, van Hem komt wat ik hoop. Alleen Hij is mijn rots, mijn redding, mijn burcht, ik wankel niet, want Hij zal van mijn zijde niet wijken. In God is mijn redding en mijn eer; Ja, mijn sterke rots, mijn toevlucht is Hij, God de Heer. - Amen - Naar Psalm 62:2,3,6,7,8

zondag 26 mei 2013

Week 22 - Kinderen van God

Lieve kinderen, u bent uit God en u hebt hen overwonnen, want Hij Die in u is, is groter dan hij die in de wereld is.
HSV

Maar u, mijn kinderen, behoort God toe en u hebt de valse profeten overwonnen. Want hij die in u leeft, is machtiger dan hij die de wereld bezielt.
GNB

1 Johannes 4:4


Het is alweer even geleden dat ik een afbeelding (was een bestaande afbeelding van Internet) bewerkte en maakte tot een bemoediging voor mijzelf.
Het was in een zeer moeilijke en zware periode binnen ons gezin dat het me allemaal  teveel dreigde te worden.
De strijd was zo zwaar en er leken wel achtenveertig uur in één dag te zitten in plaats van maar vierentwintig.
Mijn eigen kracht dreigde te bezwijken, en ook Gods kracht leek soms ver te zoeken.
En toen kwam ineens dit woord op mijn pad.
‘Want Hij die in mij leeft, is machtiger dan hij die de wereld bezielt.’

Ik koos met opzet voor de vertaling uit de GNB, want het woordje ‘bezielt’ gaf voor mij precies weer, zoals het was (en ook is).
… dan die de wereld bezielt …
De Naardense Bijbel zegt het zo: … dan hij die in de wereld huist …
Misschien vind je me een kniesoor om zo op een woordje te letten, maar het verschil dat ik proef tussen … dan die in de wereld is … en dan die de wereld bezielt/… dan die in de wereld huist, is voor mij zo groot en zo veelzeggend.
Wil je eens met mij meegaan de diepte van deze woordjes in en vervolgens alles leggen naast het ‘Hij die in mij is, in mij leef, is machtiger, is groter’?
Je zult zien dat de betekenis van deze tekst daardoor nog veel groter en meer zeggend wordt.

Voor mijzelf houdt het zinnetje  … dan die in de wereld is … in, dat hij ergens en overal is, rondzwerft, zich niet bevindt op een specifieke plek of plaats.
Er ligt iets in dit zinnetje dat het in mijn ogen ruim maakt.
En daarmee lijkt ook zijn kracht, zijn macht; minder, minder heftig, minder ingrijpend, waardoor ook de kracht van Hem die in ons is ook minder sterk naar voren komt.

Het woordje bezielt komt van het werkwoord bezielen, wat meerdere betekenissen heeft.
Enkele betekenissen zijn: begeesteren, leven geven aan, aanvuren, animeren, drijven, inspireren, verrukken.
Misschien denk je nu dat een aantal daarvan wel geschrapt kunnen worden omdat ze in dit verband niet van toepassing zijn, maar niets is minder waar.
Als je namelijk weer kijkt naar de betekenissen van elk van deze woorden en die invult in de tekst, dan kunnen we zien dat de boze een geduchte tegenstander is.

Nee, ik wil niemand bang maken, noch hem, de boze, in de spotlight zetten, maar in een oorlog – en we leven als christenen immers in oorlog met de boze en zijn trawanten  - is het belangrijk je vijand goed te kennen, zodat je hem, zijn kracht/zijn macht, niet onderschat en weet hoe je tegen hem moet vechten om hem te kunnen verslaan.

Laten we de woorden maar eens in deze regels invullen:
… dan hij die de wereld begeestert; die de wereld tot hartstocht brengt …
… dan hij die aan de wereld leven geeft …
… dan hij die de wereld aanvuurt; aanwakkert, aandrijft, aanblaast …
… dan hij die de wereld animeert; opmontert, opvrolijkt …
… dan hij die de wereld drijft; voortduwt, runt …
… dan hij die de wereld inspireert; ingeeft, inblaast, …
… dan hij die de wereld verrukt; betovert, in vervoering brengt …

Dit is wat de boze doet.
Hij is niet zomaar alleen in de wereld, maar hij heerst in de wereld en hij doet alles wat in zijn vermogen ligt om de mensen bij God vandaan te houden of te krijgen.
Geen enkel middel schuwt hij daarvoor.
De Bijbel zegt niet voor niets dat hij de vader van de leugen is, een mensenmoordenaar vanaf het begin. (Joh. 8:44)
Waar hij de kans krijgt, betovert hij mensen door ze van alles voor te spiegelen en voor te houden en brengt ze in vervoering van geld, macht, aanzien, schoonheid, …
Hij duwt ze voort, brengt ze tot hartstocht en verleidt ze tot zonde.
Hij blaast de wereld, de mensheid, waar hij maar kan zijn adem in, adem vol leugen en bedrog, een adem die leidt tot de dood.

De boze bezielt de wereld, hij huist in de wereld.
De wereld is zijn woning.
De wereld is zijn thuis.
En hij weet dat het bijna zover is dat hij zijn ‘thuis’ kwijtraakt, waardoor hij alles in het werk stelt om Degene die hem straks zijn ‘thuis’ voorgoed afpakt en hem voor eeuwig verbant naar de afgrond, nog zoveel mogelijk dwars te zitten en wat Hem zo lief en dierbaar is daarin mee te sleuren.
‘Ik geen thuis meer, dan jij ook niet’ lijkt zijn motto te zijn.
Hoor hoe hij briest van woede.
Hoor hem snuiven.
Open je ogen en zie hoe hij erop uit is om zoveel mogelijk mensen te verslinden.
Wees waakzaam!
Maar besef boven alles, dat Hij Die in ons is, machtiger is, groter is, overwonnen heeft!
Ja, Hij Die in ons is, Die in ons woont, is machtiger, is groter, dan hij die de wereld bezielt!

Als je met het lezen van het voorgaande iets geproefd heb van de macht en kracht die de boze in deze wereld heeft, dan is het mijn gebed, dat je daardoor juist nog meer zult gaan beseffen hoe groot dan wel niet de macht is van Hem die in ons is/leeft.
Soms lukt het de boze om ons zicht op wie God is zo te vertroebelen, dat we als krachtloze en hulpeloze wezens voortploeteren tot dat God opnieuw onze ogen opent.
Wat is het belangrijk om te weten wie God is en wie wij zijn in Hem en welke kracht in ons is.
De tekst die ter inspiratie erbij gegeven is, zegt: ‘Hij die in ons is, is machtiger, is groter, dan …’.
We zijn dus geen krachteloze, hulpeloze, mensen, hoe graag de boze ons dit ook wil doen laten geloven, want dat werkt per slot van rekening in zijn voordeel.
Hij die in ons is, is machtiger, is groter …

God heeft door Jezus alles geschapen, zowel in de hemel als op de aarde, alles wat zichtbaar is, maar ook alles wat onzichtbaar is, zoals tronen en heerschappijen, overheden en machten.
Alles is door Hem en voor Hem geschapen.
Alles heeft God gemaakt voor Zijn doel.

De hemel getuigt van Zijn wonderen en de engelen roemen Zijn trouw.
Niemand is aan Hem gelijk.
Hij wordt gevreesd door engelen en roept ontzag op bij iedereen die rondom Hem is.
Niemand is zo sterk als de God de Heer, de Almachtige.
Hij heerst over de onstuimige zee, de hoogste golven brengt Hij tot bedaren.
De hemel en aarde zijn van Hem, de gehele wereld met al haar bewoners.
Onwrikbaar zette Hij haar vast. 

En deze grote en Almachtige God kent ons, doorgrond ons.
Hij weet wat we denken, wat we willen zeggen, wat we willen gaan doen.
Hij is voor ons, achter ons, ja, rondom ons.
Er is geen plaats waar we naar toe kunnen gaan waar Hij ons niet zou zien.
De dag is als de nacht voor Hem, en het duister als de dag.
Nog verborgen in de moederschoot, nog voor wij enige vorm hadden, had Hij ons al gezien, werden onze dagen opgeschreven nog voor we er ook maar één hadden geleefd.
Hij heeft zelfs al onze haren geteld. 

Wat Hij zegt is waar en betrouwbaar; zuiver en een bron van vreugde.
Hij is liefdevol en genadig, geduldig, trouw en waarheid.
Hij biedt bescherming; is een schuilplaats, een toevluchtoord, een bevrijder.
Hij is onze hulp; Hij waakt over ons.
Op wonderlijke wijze grijpt Hij soms in.

En uit liefde voor ons zond Hij Zijn Zoon om ons te redden, te verlossen.
Hij leed en stierf voor onze zonden, maar God wekte Hem op uit de dood op de derde dag.

Hij is het begin en het einde; de Alfa en de Omega.

Hij, de HEER, is onze God, de GOD der goden, de HEERE der heren; groot, machtig, ontzagwekkend. (Deuteronomium 10:17 – In sommige vertalingen vers 16)

O, ik zou nog veel meer kunnen schrijven over hoe groot en indrukwekkend God is, over Zijn macht, Zijn majesteit, Zijn liefde, Zijn genade, Zijn …
De Bijbel staat vol van Zijn grootheid, van Zijn macht.
Hoe groot en machtig de boze zich soms ook voordoet, naast onze God is hij niets anders dan een pluisje in het heelal.
Er is niets dat hij kan doen zonder dat God hem daartoe toestemming geeft.
Denk maar eens aan het verhaal van Job.
En deze grote God heeft in ons, Zijn kinderen, woning gemaakt door Zijn Geest in onze harten uit te storten.
Zijn Geest van kracht, van liefde en van bezonnenheid. (2 Tim. 1:7)

Paulus spreekt in Efeze 1 vers 19, 20 over de allesovertreffende grootheid van Zijn kracht die voor ons gelovigen is; dezelfde kracht die Jezus opwekte uit de dood.

Ja, de boze kan het ons soms heel moeilijk en lastig maken, maar wij zijn degenen die bepalen of we opgeven of niet.
Wij zijn geliefde kinderen van God en God laat niet los wat Hem toebehoort.
Onze namen zijn in Zijn handpalm gegraveerd.
Zijn liefde voor ons is niet afhankelijk van gevoelens of een slechte dag.
Laten wij ons dan uitstrekken naar meer standvastigheid in ons leven.
Laten we vertrouwen op Hem, op Zijn woord, en gebruik maken van de kracht die in ons is.
Hij heeft het niet voor niets aan ons gegeven!

Moge de God van onze Heer Jezus Christus,
de Vader der heerlijkheid,
u geven de Geest van wijsheid en openbaring,
tot kennis van Hem.
Moge Hij verlichten de ogen van uw hart,
zodat ge zult weten welke de hoop is waartoe Hij roept,
wat de rijkdom is van de heerlijkheid van Zijn erfdeel onder de heiligen
en wat de allesovertreffende grootheid is van Zijn macht aan ons die geloven.
Met dezelfde werking van de sterkte van Zijn macht heeft Hij gewerkt in de
Christus toen Hij Hem opwekte uit de doden en deed zetelen aan Zijn rechterhand
in de hemelse regionen, ...

Efeze 1:17-20
NB

1 Kolossenzen 1:16; Spreuken 16:4; Psalm 89:6-12; Psalm 139:1-16; Mattheüs 10:30; Psalm 19:8-10; Exodus 34:6; Psalm 91; Psalm 121; Psalm 114; Johannes 3:16; Mattheüs 26-28; Openbaring 1:8





Lieve Vader in de hemel.
Vergeef ons, dat het de boze soms toch lukt om ons angst aan te jagen door ons het leven zuur te maken.
Vergeef ons, dat we ons soms nog zo in de luren laten leggen door hem met al zijn leugens, waardoor we vergeten wie we zijn in U en dat Uw kracht in ons is.
U bent zoveel maal groter en machtiger dan hij; wat zeg ik, hij kan niet eens wat doen tenzij hij het van U mag.
Al zijn ‘wonderen en tekenen’ zijn niets meer dan kopieën van Uw werk.
Hij briest en snuift; help ons om daar niet op te letten, maar te zien op wie U bent en op Uw opstandingskracht in ons.
U hebt ons Uw Geest van kracht gegeven, laten wij hem niet te begraven onder van alles en nog wat.
Open onze ogen.
Verlicht ons verstand.
Doe ons zien.
En leer ons leven.
Vanuit Uw kracht.

In Jezus’ Naam.
 
- Amen -





Hij die in de wereld is,
briest, schreeuwt en gaat te keer.
En soms legt hij ons het vuur aan de schenen,
in de hoop dat iemand zich tegen God keert.

Maar opent U toch onze ogen, Heer,
en verlicht ons verstand.
Doe ons steeds beseffen:
we zijn veilig in Uw hand.

In Uw  Naam en door Uw kracht
strijden wij de te strijden strijd.
Want U bent groter en machtiger;
U bent het die ons bevrijdt.

Laten we ons hoofd omhoog houden
en strijden met koninklijke waardigheid.
Want op onze schouders ligt Zijn kleed,
het kleed van rechtvaardigheid.

©Rita Klapwijk

Maar al moet u nog korte tijd lijden, God, de bron van alle genade, heeft u geroepen om in Christus Jezus deel te krijgen aan zijn eeuwige luister.
God zal u sterk en krachtig maken, zodat u staande zult blijven en niet meer zult wankelen.
Hem komt de macht toe, voor eeuwig.

- Amen -

1 Petrus 5:10,11


zondag 19 mei 2013

Week 21 - Vernieuwd denken

En word niet aan deze wereld gelijkvormig, maar word innerlijk veranderd door de vernieuwing van uw gezindheid om te kunnen onderscheiden wat de goede, welbehaaglijke en volmaakte wil van God is.
HSV

…, loop niet mee in het gareel van deze wereld. U moet andere mensen worden met een nieuwe gezindheid. Dan kunt u beoordelen wat God wil, wat goed is en volmaakt en wat Hem aangenaam is.
GNB

Romeinen 12:2

Jarenlang vond ik dit een heel lastige tekst; ik wist niet goed wat ik er mee moest.
Ik ken immers geen leven zonder God.
Ik ben niet alleen christelijk opgevoed, maar heb zolang ik mij kan herinneren ook altijd in Hem geloofd.
Hij heeft van kleins af aan deel uitgemaakt van mijn leven.
Ik associeerde deze tekst met een leven voor en een leven na iemands bekering.
En ja, zo’n leven ken ik niet.
Wat is een leven zonder God?
Hoe is dat en hoe wordt dat als je Hem leert kennen?
Ik snapte er niet veel van en schoof deze tekst maar weer gauw aan de kant.
Totdat ik ging beseffen dat deze tekst niet alleen is voor mensen die net tot geloof zijn gekomen, maar net zo goed voor mensen die geloven, ongeacht hoelang.

Matthew Henri zegt: ‘Bekering en heiliging vormen de vernieuwing van het gemoed.’
En ja, dat maakt het dan gelijk een stuk makkelijker, want het woord bekering kende ik toen wel, maar het woord heiliging niet.
Ik zal het ongetwijfeld best weleens gehoord hebben, maar ik ben meer opgegroeid met allerlei ge- en verboden en jarenlang heeft dat mijn denken bepaald, en tegelijk ook voor blokkades gezorgd.

Vernieuwing van mijn denken.
Heiliging.
‘Een verandering niet van de samenstelling, maar van de hoedanigheid,’ zegt Matthew Henri ook.
‘De vernieuwing van het gemoed is de vernieuwing van de gehele mens, want uit het gemoed zijn de uitgangen des levens.’
Oftewel, als ons denken wordt vernieuwd, worden wij mensen in het geheel vernieuwd, dus ook onze handel en wandel, want ons denken bepaald wat, hoe en waarom we iets doen, en vanuit welke intentie en met welke intentie.

De mooiste en voor mij denk ik de meest begrijpelijk uitleg die ik ooit over deze tekst ben tegengekomen, vond ik in de toespraak van Margreet van Straalen over ‘Van afwijzing naar aanvaarding’.

(Margreet gebruikt de NBG-vertaling waar het woordje hervormd gebruikt wordt)
‘Hervormd in ons denken wil zeggen (in de grondtekst), dat ons denken gerestaureerd moet worden.
En dan niet in de vorm van; hier en daar wat plakken, of we stoppen ieder gaatje dicht met wat cement en een kwastje verf erover en klaar.
Nee, er staat, dat met een inwerkend zuur, die oude laag ervan afgebikt wordt.
Au, dat doet zeer, als dat zuur in ons leven gaat werken.
Maar die oude laag van ons denken, moet echt afgebikt worden.
Die moeten we bij het kruis brengen.
Ons denken is gewoon misvormd in al die jaren waarin we God niet kenden en dat we geloofden in die leugens.
Het moet als het ware hergerestaureerd worden, dat is vernieuwing van ons denken naar de waarheid van Gods woord.
Daarom is het lezen en het leren van Gods woord zo belangrijk.
Daarom is het zo belangrijk om tijd te nemen/maken om over Gods woord te mediteren.’


Margreet spreekt hier vanuit de kant van afwijzing, maar haar uitleg over het restaureren dmv. een inwerkend zuur en niet slechts dmv. gaatje dichten met wat cement, likje verf erover en klaar, toonde mij wel, hoe diep de betekenis is achter het begrip ‘vernieuwing van mijn denken.
Zij gebruikt het in deze context met oog op afwijzing, maar het geldt natuurlijk voor alles in ons leven.

Ik geloof echter ook, dat ons denken niet alleen misvormd wordt in de jaren waarin we God niet kenden, maar dat het ook kan terwijl we God wel kennen.
Nog steeds kan ik bv. af en toe worstelen met mijn zelfbeeld door alle negatieve dingen die er tegen mij gezegd zijn en over mij zijn uitgesproken.
En hoewel ik weet wie ik ben in Christus, hoe God mij ziet, wat Zijn woord zegt, de negatieve woorden overheersen soms toch nog alles wat Hij zegt en kunnen me naar beneden halen.
Als Margreet dan spreekt over restaureren, dan spreekt dit mij geweldig aan, want restaureren betekent ook dat er tijd mee gemoeid is.
Restaureren gebeurt, afhankelijk van wat er gerestaureerd moet worden, op verschillende manieren, met verschillende technieken en verschillende middelen, maar één ding hebben ze allemaal gemeen: het kost tijd!
Dit betekent dus, dat wij onszelf ook de tijd moeten gunnen om God ons denken te laten vernieuwen.
Dit gebeurt niet zomaar doordat je bv. in de Bijbel leest dat je in Gods ogen kostbaar en waardevol bent.
Dit lezen of horen is wel de eerste stap, maar vervolgens zul je daar ook wat mee moeten doen.
Dingen die jarenlang in je hoofd zitten, die je jarenlang op een bepaalde manier gedaan hebt, die je keer op keer hebt gehoord, …. , verander je meestal (uitzonderingen daar gelaten, want onze God is een God van wonderen en Hij doet ze nog steeds) niet zomaar in één keer.

Wijzelf kunnen ons denken niet veranderen, het is God die dit in ons wilt doen.
De vraag is: laten we Hem dit doen en zijn wij bereid om datgene te doen wat Hij van ons vraagt om te doen daarin?

Verandering van denken betekent dat we Gods woord moeten lezen, overpeinzen, aannemen en het onszelf voorhouden wanneer iets anders wordt gezegd of ons denken binnenkomt.
Gods woord is de sleutel tot vernieuwing van ons denken, want door Zijn woord spreekt God tot ons.
In Zijn woord geeft Hij ons niet alleen richtlijnen, maar vertelt Hij ons ook wie wij zijn in Hem, hoe Hij ons ziet, hoeveel Hij van ons houdt.
In Zijn woord staan Zijn beloften.
In Zijn woord staan getuigenissen van vele mensen die ons bemoedigen en aanmoedigen om vol te houden hoelang soms iets ook duurt.
Zijn  woord geeft ons hoop voor de toekomst, hoe beroerd die er hier op deze aarde ook uit mag zien of wordt voorgespiegeld.

In haar toespraak geeft Margreet ons ook een voorbeeld hoe ons denken werkt.
‘Als we bijv. 10 minuten nadenken over; ik ben zo zielig, dan gaan we ons ook echt zielig en beroerd voelen, dus als we nu eens 10 minuten gaan nadenken over Gods woord waar Hij zegt: ‘De Vader Zelf heeft u lief.’; of ‘Alzo lief heeft God de wereld gehad…’ en laten we daar maar eens onze eigen naam invullen.
Kauw en proef er maar eens aan’


Herken je het?
Misschien dat je als je wat zwaarder op de hand bent, wat zwaarmoediger, dit eerder herkent dan iemand met een vrolijk en opgeruimd karakter, maar toch werkt het wel zo.
Persoonlijk heb ik ook gemerkt, dat als je voor langere tijd iemand om je heen heb die depressief is, ook dit zijn uitwerking op jou niet mist.

Wat dus betekent, dat als we ons Gods woord voorhouden, Zijn waarheden als bv. ‘dat Hij ons liefheeft, voor ons zorgt, ons niet zal verlaten, we in Zijn kracht alles aankunnen enz., enz., dit ons opbeurt en ons een ander beeld geeft van onszelf, de situatie, … .

We hebben altijd een keuze in wat we doen.
Laten we ons neerslachtig maken door onze negatieve gedachten, praten we onszelf de put in of vullen we onze gedachten met Zijn woorden van hoop en bemoediging, overdenken we Zijn woorden, spreken ze (hardop) uit en beuren zo onze geest op met wat Hij zegt.
Blijven we op ons bed liggen, of voor de tv hangen of gaan we naar de kerk of naar Bijbelstudie?

En zo werkt de vernieuwing van ons denken ook met andere waarheden.
Misschien ben je opgegroeid met de boodschap dat je nooit zeker kunt weten of je wel behouden bent.
Gods woord zegt echter: ‘Want alzo lief heeft God de wereld, opdat een ieder die in Hem gelooft, zal niet verloren ga, maar eeuwig leven heeft!’ (Joh. 3:16)
Misschien durf je, door wat voor reden dan ook, niet te zeggen dat je een kind van God bent.
Gods woord zegt echter: ‘Maar allen die Hem aangenomen hebben, hun heeft Hij macht gegeven kinderen van God te worden, namelijk die in Zijn Naam geloven; …  (Joh. 1:12)
Hoe groot is de liefde die de Vader ons heeft bewezen! We worden kinderen van God genoemd en we zijn het ook.’ (1 Joh.3:1)
Misschien ben je opgegroeid met het beeld van een toornende God, met jezelf zien als een zondig, onrein en ellendig mens en is dat je beeld van God en van jezelf.
Maar Gods woord zegt ook: ‘Want u hebt niet de Geest van slavernij ontvangen, die opnieuw tot angst leidt, maar u hebt de Geest van aanneming tot kinderen ontvangen, door Wie wij roepen: Abba, Vader!  (Rom. 8:15)
Ik ellendig mens, wie zal mij verlossen uit het lichaam van deze dood? Ik dank God, door Jezus Christus, onze Heere!’
Maar ook geldt dit principe als het gaat om onze manier van leven, onze normen en waarden, wat wel en niet goed is.
De wereld waarin wij leven raakt meer en meer losgeslagen.
Normen en waarden vervagen en alles moet kunnen.
De mens moet voor zichzelf opkomen, heeft recht op, moet zelf kunnen beslissen over leven, dood, abortus, euthanasie …
Samenwonen, mannen met mannen, vrouwen met vrouwen …
Onze muziekkeuze, wat kijken we op tv, wat doen we met en op onze computer, wat lezen we …
Onze geest wordt vertroebeld door de vele dingen die we horen en zien, iedere dag weer.
Sommige dingen kunnen we tegenhouden, anderen sluipen toch ongemerkt ons leven binnen.
En omdat steeds meer dingen algemeen geaccepteerd worden, wordt het steeds moeilijker en lastiger om in te zien waar ons eigen denken vertroebeld raakt en uiteindelijk misvormd wordt.

‘Wordt niet gelijkvormig aan deze wereld,’ zegt Paulus, loop niet mee in haar gareel, pas je niet aan aan haar, maar wordt innerlijk veranderd in je denken, wordt andere mensen, met een nieuwe manier van denken, dan zullen we kunnen onderscheiden wat goed is en volmaakt en Hem aangenaam.

De wereld en Gods woord groeien meer en meer uit elkaar.
Steeds harder zal het geluid van de boze klinken.
Zijn tijd hier op aarde is beperkt en het einde nadert.

‘Let goed op,’ zegt Jezus, ‘en laat niemand je op een dwaalspoor brengen.
Want er zullen vele mensen komen die van Mijn Naam gebruik maken en beweren: Ik ben de Christus.
Daarmee zullen ze velen op een dwaalspoor brengen.
Jullie zullen wapengekletter horen en berichten over oorlogen horen.
Maar raak niet in paniek.
Dat moet allemaal gebeuren, maar het is het einde nog niet.
Het ene volk zal strijden tegen het andere volk, het ene rijk tegen het andere; er zullen hongersnoden zijn en aardbevingen, dan hier en dan daar.
Maar dat alles is nog maar het begin van de weeën.
Ze zullen jullie uitleveren, onderdrukken en ter dood brengen; alle volken zullen jullie haten vanwege Mijn Naam.
Velen zullen hun geloof verliezen.
Ze zullen elkaar verraden en haten.
Er zullen vele valse profeten komen  en zij zullen velen op een dwaalspoor brengen.
En omdat de verachting van de wet toeneemt, zal de liefde bij de mensen verkoelen.
Maar wie volhoudt tot het einde, zal gered worden.’ (Mattheüs 24:4-13)


Daarom is het lezen en het leren van Gods woord zo belangrijk.
Daarom is het zo belangrijk om tijd te nemen/maken om over Gods woord te mediteren.

Mattheüs 6:21 zegt: …, waar uw schat is, daar is ook uw hart.
En spreuken 4:23: Bewaak daarom boven alles je eigen hart, want daar ligt de bron van leven. (of zoals de Staten Vertaling zegt: ‘de uitgangen des levens’ – zie begin van dit stukje)

Wie of wat hebben we meer lief?
Waar besteden we onze tijd aan en hoe?
Wordt ons denken vernieuwd door de tv. computer(spelletjes), films, sport, …?
Of wordt ons denken vernieuwd door Gods woord, waar we tijd in steken om te lezen, te overdenken; te leren door Zijn ogen naar situaties of naar onszelf te kijken?

Een paar jaar geleden verkeerden wij als gezin in een behoorlijke crisis.
Ik wist dat ik het nooit vol zou houden als ik niet mijn toevlucht bij Hem zou zoeken.
Ik kende het principe van Gods woord bidden niet echt, ik had er wat van gehoord en een beetje gelezen.
Maar toen heb ik er voor gekozen om dit te gaan doen.
Ik ben de Psalmen ingedoken en met de woorden van David ben ik God gaan bestoken en ik ben meer veranderd dan ik voor mogelijk had gehouden.

‘Want het Woord van God is levend en krachtig en scherper dan enig tweesnijdend zwaard, en het dringt door tot op de scheiding van ziel en geest, van gewrichten en merg, en het oordeelt de overleggingen en gedachten van het hart.’

Hebreeën 4:12

Vernieuwing van ons denken.
Heiliging.
Zijn woord is de sleutel.





Lieve Vader in de hemel.
Vernieuw mijn denken, daar waar het nog vertroebeld, ja, misvormd is, door wat dan ook.
Leg het bloot, lieve Vader, zodat Uw woord er in kan komen en het opnieuw gaat vormen.
Toon mij niet alleen wie ik ben in U, in welke kracht in mag gaan en staan, maar leer mij ook om dat te doen.
Help mij daarbij, Vader, want ik ben geneigd om terug te zien op wat achter mij ligt of wat is geweest.
Vernieuw mijn denken, o Vader, vernieuw mijn denken.
Open uw woord voor mij.
Laat Uw Geest mij leiden en openbaren en help mij om dat vast te houden en van daaruit te leven.
Staand op Uw beloften.
Gaand in Uw kracht.
Rustend in Uw bescherming.
Met vrede in mijn hart.
Tot eer en glorie van uw Naam.
In Jezus’ Naam bid ik U.

- Amen -





Laat Uw Heilige Geest
als een vuur
mijn hart binnendringen
en wegbranden
alles wat mijn denken
misvormt.

Laat de waarheid
van Uw woord
mijn hart in bezit nemen
en plant in mij alles
wat goed en volmaakt is,
en U aangenaam.

Maak mij een nieuw mens
met een nieuwe manier
van denken.
Dan zal ik staande blijven
hoezeer de aarde ook beeft,
of het in mijn leven stormt.

Dan zal U de eer ontvangen,
de glorie en de heerlijkheid;
ja, alles wat U toebehoort.
Dan zal mijn loflied klinken
en opstijgen tot Uw troon;
erend Uw grote Naam.

©Rita Klapwijk


zondag 12 mei 2013

Week 20 - Evenwicht

Geliefden! Als ons hart ons niet veroordeelt, hebben wij vrijmoedigheid om tot God te gaan; en wat wij ook maar bidden, ontvangen wij van Hem, omdat wij Zijn geboden in acht nemen en doen wat Hem welgevallig is.
HSV

Vrienden, als ons hart ons niet aanklaagt, kunnen we ons met vertrouwen tot God wenden.
We krijgen van Hem wat we maar vragen, omdat we ons aan Zijn geboden houden en doen wat Hem het liefst is.
GNB

1 Johannes 3:21,22


Soms moet ik even heel goed nadenken om een verband te zien tussen wat er op het kalendertje staat en de gegeven Bijbeltekst.
En soms vind ik de gegeven Bijbeltekst ook niet bepaald makkelijk om te begrijpen of om in het licht van mijn eigen leven te plaatsen.
Ook de tekst voor deze keer is er zo één.

Ik ben een denker en mijn gedachten gaan vaak zoveel verder dan eigenlijk soms nodig is, of zelfs misschien goed voor me is.
Zo ook vandaag.

Als ons hart ons niet veroordeelt/aanklaagt, kunnen we vrijmoedig/vol vertrouwen naar God gaan en we krijgen wat we vragen  …
Maar wat als ons hart ons niet aanklaagt?
Wat als we ons nergens van bewust zijn, of niet openstaan voor Gods Geest?
Hoeveel mensen lopen er niet op deze aardbol rond die geen geweten lijken te hebben?
Wiens hart hun niet lijkt aan te klagen?
En aan de andere kant, soms heb ik vergeving ontvangen, maar klaagt mijn eigen hart mij nog steeds aan …
Dit zijn zo de eerste gedachten die in mij opkomen als ik de gegeven Bijbeltekst lees.
En ik neem het gehele gedeelte er maar gauw bij om verder te kunnen, want zoals eigenlijk meestal het geval is, is het niet goed om slechts één Bijbeltekst te overdenken zonder de rest er op z’n minst bij gelezen te hebben.

Waar te beginnen is dan alleen weer niet altijd makkelijk, daar de vertalingen onderling verschillen met kopjes en titels die ze erboven zetten.
Dus ik pak het hele hoofdstuk er maar bij, gewoon om het in de goede context te lezen.

1 Johannes 3

Ik moet zeggen, het werd er even niet makkelijker op.
Ik struikelde even behoorlijk over de teksten ervoor; vers 19 en 20.
‘En hieraan weten wij dat wij uit de waarheid zijn, en zo zullen wij ons hart voor Hem geruststellen. Want als ons hart ons veroordeelt, God is meer dan ons hart, en Hij weet alle dingen.
En het volgende vers zegt weer:
Geliefden! Als ons hart ons niet veroordeelt, hebben wij vrijmoedigheid om tot God te gaan; …

Ik heb ze echt verschillende keren gelezen en vervolgens ‘Het Leven’ er maar eens even bij gepakt.
Mijn hersens kraakten en maalden; het leek immers zo haaks op elkaar te staan.
Totdat ik door hetgeen er als uitleg in ‘Het Leven’ bij staat, ontdekte dat je ze even los moet koppelen van elkaar.
(Dit is dan even zo’n moment waarop je het gevoel heb van: ik ben geloof ik nog niet helemaal wakker of erbij …)
Johannes wil ons bemoedigen, door aan te geven dat, al klaagt ons eigen hart ons aan, God ons hart en onze daden kent en Hij op grond daarvan oordeelt en niet op wat ons hart (ons geweten) zegt.

‘Velen zijn bang dat ze niet genoeg van anderen houden, Zij voelen zich schuldig omdat zij denken niet op de goede manier te kunnen liefhebben. Hun geweten zit hen in de weg.’
De uitleg van Het Leven geeft verder aan, dat Johannes juist hen op het oog had toen hij deze brief schreef.
We kunnen ontsnappen aan deze knagende beschuldigingen, niet door ze te negeren maar door de juiste stappen te zetten; door eraan te gaan denken dat God ons hart en onze daden kent.
God zal ons niet veroordelen als wij bij Christus horen.
En als wij het gevoel hebben niet ‘goed genoeg’ te zijn, moeten we eraan denken dat God groter is dan ons geweten; Hij weet dat wij Zijn eigendom zijn.’

Het gehele hoofdstuk gaat over dat wij kinderen van God zijn en welke hoop dit met zich meebrengt, welke zekerheid, maar ook welke verantwoordelijkheid.
Daarnaast klinkt er ook een waarschuwing, een uitleg en Het gebod.
Geloven en liefde zijn de sleutels van dit hele gedeelte.
Geloven in de Naam van de Here Jezus Christus (Zijn Naam zegt alles over Hem, wie Hij is en wat Hij kwam doen) en liefhebben zoals Hij.

Met al deze woorden en gedachten keer ik terug naar wat op het kalendertje staat deze week.
De schrijfster geeft aan, dat zij God regelmatig vraagt om haar het juiste evenwicht te geven, met Zijn woord als leidraad, of Hij haar wil laten merken wanneer zij het spoor bijster raakt.
Strijdend tegen een machtige, onzichtbare vijand, kan je in vrede met de Almachtige God leven, schrijft zij.

Ja, het is een feit dat wij strijden tegen een machtige en onzichtbare vijand.
Een vijand die er alles aan zal doen om een leven in vrede met de Almachtige God te roven.
Geen enkel middel schuwt hij daarvoor, want hij is een vijand ‘sans scrupelus’; gewetenloos, nietsontziend, laag-bij-de-grond, gemeen, laaghartig, immoreel.
De vader van de leugen, zich soms vermommend als een engel des lichts.

Wat kan hij ons uit ons evenwicht brengen, in verwarring brengen en ons beroven van onze vrede met God.
Wat kan hij de weegschaal doen overslaan naar de verkeerde kant.

Wat hebben we het nodig dat God evenwicht in ons leven brengt zodat die weegschaal niet doorslaat naar de verkeerde kant.
Wat hebben we het nodig om tijd met Hem door te brengen, Zijn woord te lezen, te leren Zijn stem te verstaan.
Wat is het belangrijk om dicht bij Hem te blijven; open te staan voor Zijn leiding en correctie.

Jezus gebruikte Gods woord om de leugens van satan te verslaan; het laat ons zien hoe belangrijk Gods woord is.
In Psalm 119 spreekt David hoe belangrijk Gods woord (voor Hem) is.
Door Paulus heen spreekt God later opnieuw tot ons om ons er van te doordringen hoe belangrijk Zijn woord is.
In Efeziërs 6 zien we hoe Gods woord opgenomen is in de wapenrusting.
Het is zelfs het enige wapen waar we mee kunnen aanvallen.
Zijn woord hoort onze leidraad in het leven te zijn en hoe zal dat kunnen als wij het niet lezen, niet kennen?
Ja, God spreekt ook op andere manieren, maar Hij heeft ons Zijn woord niet voor niets gegeven!

Ons hart kan van alles zeggen.
De duivel kan ons aanklagen.
Mensen kunnen ons in verwarring brengen.
Maar Gods woord is waarheid!
Zijn woord kan ons, als wij het spoor bijster raken, weer op het juiste pad brengen.
Door Zijn woord weten we wat Hem vreugde schenkt, wat Hem welgevallig is, wat Hem het liefst is.

Dat het ons verlangen mag zijn, net als bij David, dat we als het ware aan Zijn woorden willen zijn vastgekleefd; dat  ze begerenswaardiger voor ons zullen zijn dan het zuiverste goud en zoeter dan honing zo uit de raat.
Laten we Zijn woord bewaren in ons hart, zodat we niet zullen zondigen en in vrede met Hem kunnen leven. (Psalm 119: 31a; 19:11; 119:11,1,50)






Lieve Vader, wat kan het evenwicht in ons leven zoekraken als we niet dicht bij U blijven, U om Uw leiding vragen, als we Uw woorden niet tot ons nemen.
In de drukte van deze wereld, van deze tijd laten we ons soms zo makkelijk onze tijd met U roven.
Het is niet dat we geen tijd zouden hebben, Vader, het is dat we verkeerde prioriteiten hebben.
Vergeef ons, en spreek tot ons hart, dring met Uw Geest in ons hart aan op tijd met U!
We maken tijd vrij om van alles te doen wat we moeten of leuk vinden, leer ons om onze prioriteiten goed te stellen.
Doe ons toch inzien hoe belangrijk het is om tijd met U door te brengen, Uw woorden te lezen, te overdenken.
Uw woord is waarheid, Uw woord is ons enige wapen tegen de boze, zijn leugens, zijn aanvechtingen.
Help ons, Vader, in Jezus’ Naam, help ons, want het is zoals Paulus zegt; het goede dat ik doen wil, doe ik niet, maar het verkeerde, dat ik niet wil, dat doe ik.
Dank U, Vader, voor Uw genade.
Dank U, voor Uw geduld.
Dank U, voor Uw liefde.
Dank U, dat U het goede werk dat U in ons begonnen bent ook zal voltooien.
Ik loof en prijs Uw grote Naam.

- Amen –





Leer mij, Vader,
dicht bij U te blijven
door Uw woord te lezen,
en het te overdenken.

Dat Uw Geest mij
een hart vol wijsheid
en inzicht in wat ik doe
zal schenken.

Laat mij openstaan
voor Uw leiding
en doe mij inzien
wanneer ik mij op de
verkeerde weg bevind.

Zo zal ik
door Uw genade
in vrede met U
kunnen leven.
In de nabijheid
van Uw liefde
als Uw kind.

©Rita Klapwijk


zondag 5 mei 2013

Week 19 - Trots

… en uw trotse macht zal Ik breken en uw hemel maken als ijzer en uw land als koper.
Dan zal uw kracht tevergeefs verbruikt worden; uw land zal zijn opbrengst niet geven en het geboomte des lands zal zijn vrucht niet dragen.
NBG

Ik zal de trots op uw eigen kracht breken. Ik zal uw hemel als ijzer maken en uw aarde als brons.
Dan zal al je gezwoeg tevergeefs zijn: van het land zul je niets binnenhalen en van de vruchtbomen zal niets te plukken zijn.
GNB

Ik zal de trots op uw eigen kracht breken. Ik zal uw hemel als ijzer maken en uw aarde als brons.
Uw kracht zal voor niets verbruikt worden, uw land geeft zijn opbrengst niet en de bomen op het land geven hun vruchten niet.
HSV

Leviticus 26:19,20


Trots, een woord met een negatieve klank en uitstraling.
Iets waarvoor je moet oppassen, voor moet waken, want ergens trots op zijn kan al heel gauw betekenen dat er een stukje hoogmoed om de hoek komt …
Met trots zijn op wat je gepresteerd heb, op je kind, iets wat je gemaakt hebt of gedaan hebt, moet je wel heel erg oppassen dat jij, of je kind, niet naast zijn schoenen gaat lopen …
Persoonlijk iets, waar ik best mee worstelen kan, want ik vraag me met deze dingen af of dit wel een verkeerde trots is.
Je mag toch trots zijn op wat je gemaakt of gedaan hebt, en je mag toch trots zijn op je kinderen en ze dat laten weten?
Complimentjes en bemoedigingen hebben we toch allemaal nodig?
Bevestigingen dat je goed bezig bent, aanmoedigingen om door te gaan en vol te houden!
Natuurlijk, je moet niet doorslaan naar de andere kant en jezelf of je kind ophemelen, maar trots is immers ook blij zijn met wat jij of je kind gedaan heb, daar uiting aan geven, en daar lijkt mij toch helemaal niets mis mee.
Wat zeg ik, het lijkt me zelfs heel belangrijk om dat aan te geven naar je kinderen: ‘Mama/papa is trots op jou; dat heb je goed gedaan.’
Het geeft zelfvertrouwen.
Het bemoedigd.
Het geeft een tevreden en voldaan gevoel en het zal jezelf of je kind stimuleren.
En als we daarbij onze dank aan God betuigen, omdat we ons in alles afhankelijk weten van Hem, …
Echter, zo met alles is, besef ik ook dat, zodra het woordje ‘te’ er voor komt te staan, het mis gaat en hoogmoed, arrogantie, gezonde en gepaste trots (laat ik het zo maar even noemen) verdrijven.

In de eerste regels van het kalendertje zegt Beth Moore: ‘Mijn naam is trots, ik ben een bedrieger. Je houdt van me omdat je denkt dat ik altijd het goede met je voor heb. Maar …’

Trots, een gevoel waardoor je wil laten zien dat je iets goed hebt gedaan of iets moois hebt gemaakt; een gevoel dat je meer waard bent dan anderen; een gevoel, dat je wilt pronken met wat je hebt of deed.
Maar ook: eigenwaarde, fierheid, grootsheid, hoogmoed, fier, hovaardig, groots, ongenaakbaar, hoogmoedig, hooghartig, opgeblazen, prachtig, pront, statig, aanzienlijk, arrogant, air, aanmatigend, deftig, dapper, eer, eigenwaan, eigendunk, eergevoel, flink, ferm.

Als er één ding is wat ik mijn leven heb gemerkt en geleerd (en dat wil niet zeggen dat ik het voor elkaar heb, maar alleen dat ik er van doordrongen ben geraakt), dan is het wel, dat er veel meer dingen onder trots vallen dan we vaak denken.

Misschien denk je wel bij jezelf dat je helemaal niet zo’n ‘trots’ figuur/persoon bent, maar is dat ook wel zo, en is dat eigenlijk al niet een teken van trots, van hoogmoed?
Als wij naar onszelf zouden gaan kijken door Gods ogen, wat zouden we dan zien en horen?
Nu kunnen we wel zeggen, van, ja, maar ik bedoel niet alles zoals het eruit komt, en dat weet God toch.
Maar toch …
En dan …

Als ik in de Bijbel (in dit geval op Biblia.net) op zoek ga naar het woordje ‘trots’, dan valt het me op dat dit woord in de Herziene Statenvertaling en de ‘gewone’ Statenvertaling, als in de NBG in het Nieuwe Testament niet voorkomt.
Daar is het woord vervangen door het woord ‘roemen’ of ‘beroemen’.
Heel apart.
De woorden ‘roemen’ of ‘beroemen’ zijn geen woorden die je vandaag de dag echt nog hoort.
Ik hoor tenminste nooit iemand zeggen ‘de roem die ik over mijn kinderen heb’ , of ‘ik beroem mij op …’, of ‘dit is mijn roem …’.
Misschien iets om ook eens verder over na te denken of te onderzoeken, maar nu niet.
Het viel mij echter wel op, vandaar dat ik het toch even genoemd wilde hebben.

Als er in het OT gesproken wordt over trots, dan zien we dat het eigenlijk steeds opnieuw gaat over het zich verheffen boven God, boven Zijn volk Israël, boven de ander.

God buitensluiten, Hem niet nodig hebben, op eigen kracht dingen doen of willen doen, is trots.
Het is de trots van een mens die hem doet zeggen of denken dat hij God niet nodig heeft. (Psalm 10:4)
En laten wij die geloven nu niet denken dat wij hier niet bij horen, want, hoe vaak doen wij geen dingen op eigen kracht?
Hoe vaak willen wij het eerst niet zelf oplossen voor dat wij naar God toe gaan en Hem om hulp vragen?
Hoe veel beslissingen nemen we niet zonder God er in te kennen?
(En dan heb ik het niet over met welk been je vandaag uit bed moet stappen, of welke kleur sokken je aan moet trekken)
Vergeven, niet boos blijven, de minste zijn.
... Nee, dat vergeef ik hem nooit, hij …
... Ja, maar hij is begonnen, je denkt toch niet dat ik dan …
... Ja, maar dat doe ik niet, ik ga geen wc’s schoonmaken, daar zijn de …

Het zijn zomaar een paar kleine voorbeelden; het gaat nog veel verder, en nog veel dieper.
Trots is een zeer grote en geniepige vijand, waarvan we soms niet eens doorhebben dat hij ons leven, of delen van ons leven, beheerst.
Het volk Israël is daarin voor ons een goede spiegel, als ook de vele volkeren, groeperingen en individuen, rondom hen die hen tot op de dag van vandaag belagen.

‘Ik zal de trots op uw eigen kracht breken,’ zegt God tegen Zijn volk in de bovenstaande tekst.
En dan volgt er een hele uiteenzetting van alles wat God zal doen als het volk trots, en dus ongehoorzaam, blijft.

In zekere zin geldt dit woord ook nog voor ons.
Ja, onze zonden zijn vergeven door het kostbare, vergoten bloed van de Here Jezus, maar daarmee zijn we er niet.
Veel dingen in ons leven stroken niet met Gods woord, met wat Zijn wil is.
Als Hij tegen ons zegt: ‘Wees heilig, want Ik ben heilig,’ dan hebben we nog heel wat te leren en moet er nog heel wat veranderen in ons leven.
En als we denken dat we er al zijn of bepaalde dingen al geleerd hebben of niet (meer) nodig hebben, laten we dan vooral waakzaam zijn om niet te vallen!

Trots is vaak heel moeilijk te herkennen.
Waar begint het en waar eindigt het?
Kunnen we het eigenlijk wel onderkennen zonder Gods hulp?
Je kunt trots zijn op je kinderen of op iets wat je gedaan hebt, maar waar en wanneer gaat het over van ‘blij erom zijn’ in ‘verheffen boven anderen’.

Trots.
Gaan in eigen kracht.
Jezelf boven een ander plaatsen.
In woord en/of in daad.

Trots.
Zo geniepig en bedrieglijk.

Wie anders dan God alleen kan ons leren inzien waar trots in ons leven is, of zelfs heerst.





Lieve Vader in de hemel.
Vergeef mij mijn trots, mijn hoogmoed.
Vergeef mij,dat het soms zelfs zo erg kan zijn, dat ik het soms in het geheel niet eens zie als ik trots of hoogmoedig ben.
Vergeef mij, Vader, vergeef mij en reinig opnieuw mijn hart van deze zonde.
Al menigmaal heb ik mijn hoofd moeten buigen voor gedachten of ondoordachte woorden van trots en hoogmoed.
Opnieuw bid ik U daarom, dat U mij erop blijft wijzen waar trots mijn leven binnen wilt komen, binnen komt of is binnengekomen.
Open mijn ogen, Vader, ook voor deze geniepige en bedrieglijke zonde, waardoor ik mij verhef boven U en mijn naaste en waardoor ik ook nodeloos U en mijn naaste verdriet doe en kwets.
Doe ons toch beseffen hoe zeer trots scheiding brengt tussen U en ons, hoe groot de kloof is, die daardoor tussen U en ons ontstaat.
Leer ons buigen voor U, voor Uw wil.
Leer ons gehoorzaam zijn.
Maak ons zachtmoedig en nederig, zoals Uw Zoon, onze Here Jezus Christus.
Leer ons door Uw woord als een spiegel voor te houden.
Leidt ons door Uw Geest in Uw waarheid en tot eer van U.
In Jezus’ Naam.

- Amen –





Trots,
zo geniepig,
zo bedrieglijk.
Zo moeilijk soms
te onderscheiden.

Aan God voorbijgaand.
In eigen kracht
het leven uitstippelen
en leiden.

Zo op zichzelf gericht,
zichzelf zo verheffend.
Tegelijk de ander,
en boven alles God,
zo kwetsen, zo bezeren.

Trots.
Zichzelf,
boven alles,
vereren.

Laat Zijn Geest
je onderzoeken;
spiegel je leven
aan Zijn woord
en zie of je handel
en je wandel
Hem wel echt
bekoort.

©Rita Klapwijk





Toen ik zo aan het rondkijken was op Internet naar trots etc., kwam ik op het laatst het onderstaande gedicht tegen.
Het blijkt dat het citaat van Beth Moore op de kalender hieruit genomen is.
Daar er ongetwijfeld copyright op zit, kan ik het hier niet plaatsen, maar hier is wel de link naar de site waar het gedicht staat.
Mijn naam is trots – gedicht – Engelse versie
Ook heb ik geprobeerd het zo goed mogelijk te vertalen en wil dit op deze manier graag met jullie delen.

Mijn naam is trots.
Ik ben een bedrieger.
Ik bedrieg je, als het gaat om je door God gegeven bestemming.
omdat je er immers naar verlangt om je eigen weg te gaan.
Ik bedrieg als het gaat om tevreden te zijn,
omdat je toch beter verdient dan dit …
Ik bedrieg je als het gaat om kennis,’
omdat je toch alles al weet.
Ik bedrieg je als het gaat om genezing,
omdat je immers te vol bent van jezelf om te kunnen vergeven.
Ik bedrieg je als het gaat om je heiligheid,
omdat je weigert toe te geven wanneer je fout bent.
Ik bedrieg je als het gaat om je visie,
omdat liever in de spiegel kijkt dan uit het raam.
Ik bedrieg je als het gaat om echte vriendschap,
omdat niemand jou ooit werkelijk zal kennen.
Ik bedrieg je als het gaat om liefde,
omdat echte romantiek (liefde) offers vraagt.
Ik bedrieg je als het gaat om de grootheid van de hemel,
omdat je toch niet bereid bent om op aarde een ander zijn voeten te wassen.
Ik bedrieg je als het gaat om Gods glorie,
omdat ik er van overtuigt ben, dat je die van jezelf zoekt.
Mijn naam is trots.
Ik ben een bedrieger.
Je houdt van me, omdat je denk dat ik altijd het beste met je voor heb.
Maar dat is niet waar.
Ik ben er op uit om een dwaas van je te maken.
Ik geef toe, God heeft zoveel voor jou,
maar maak je geen zorgen.
Als je bij mij blijft, zul je het nooit weten.

Naar: My name is pride van Beth Moore
Zie bovengenoemde link